Stichting Benchmark GGZ

Toon het menu Verberg het menu
Minimale Dataset

Hier vindt u informatie over welke gegevens zorgaanbieders maandelijks bij SBG aanleveren.

Wijzigingen MDS

Wijzigingen 2017 - 1 juli

Laatst gewijzigd op: 15 december 2017

CQi geldig voor Forensische zorg

De nieuwe CQi-GGZ-VZ is op verzoek van het veld nu ook geldig voor alle DBC’s die onder het zorgdomein Forensische Zorg worden aangeleverd. Hij is niet verplicht en wordt ook niet meegenomen in de set prestatie-indicatoren.

Nummerreeksen gepseudonimiseerd

De waarden bij de MDS attributen “Zorgtrajectnummer”, “DBC trajectnummer” en “Koppelnummer” worden voortaan door ZorgTTP vervangen voor pseudoniemen. Hiervoor hoeven door de zorgaanbieder geen aanpassingen te worden gedaan in het XML bestand. Wel is het noodzakelijk om gebruik te gaan maken van de nieuwe PVM. Zie daarvoor ook het nieuwsbericht 'Nummerreeksen gepseudonimiseerd'.

Wijzigingen 2017 - 1 januari

Laatst gewijzigd op: 15 december 2017

Geboortemaand verwijderd

Het attribuut “Geboortemaand” is verwijderd om mogelijke indirecte herleidbaarheid nog verder tegen te gaan. Zorgaanbieders die nu wel geboortemaand aanleveren worden actief benaderd met de vraag om deze zo snel mogelijk te verwijderen uit de aanlevering.

Stoornisspecifiek meetdomein eetstoornissen

Optioneel meetdomein voor eetstoornissen, te meten met de EDE-Q. Dit meetdomein is alleen geschikt voor patiënten met een eetstoornis als hoofddiagnose. U kunt voor alle DBC’s met een einddatum vanaf 1-1-2017 de EDE-Q toevoegen aan uw aanlevering. Zie hiervoor ook de factsheet EDE-Q. Aanleveren van het primaire meetdomein Klachten en Symptomen (BSI, OQ45-sd of SQ48) blijft daarnaast verplicht. 
(Zie nieuwsbericht)

Verwijderen MANSA en L-QoL (Kwaliteit van Leven) voor Volwassenen EPA

Kwaliteit van leven is een optioneel meetdomein; men is niet verplicht om hierop aan te leveren en de respons is al jaren zeer laag (rond de 5%). Zorgaanbieders gebruiken bovendien diverse onderling niet vergelijkbare meetinstrumenten (verschillende varianten van de MANSA en de L-QoL). Gevolg is dat SBG geen betekenisvolle terugkoppeling kan geven over deze uitkomsten. In de toekomst zal een andere invulling worden gegeven aan Functioneren/Kwaliteit van leven.

De ER en de WR geven aan geen toekomst te zien in het meetdomein Kwaliteit van Leven door middel van de MANSA en de L-QoL en hebben daarom geadviseerd deze instrumenten niet meer te laten aanleveren.

Toevoegen van risicotaxatie-instrument FARE voor ambulante forensische psychiatrie

SBG is met betrekking tot het ROMmen van de Forensische Psychiatrie zoveel mogelijk volgend aan de afspraken die gemaakt worden met Justitie (DBBC). Voor ambulante behandelingen staat Justitie toe vanaf 1-1-2017 te meten met een nieuw ontwikkeld instrument, te weten de “Forensische Ambulante Risico Evaluatie (FARE)”. Om deze reden wordt de FARE nu opgenomen in de MDS.

Tekstuele wijzigingen

De tekst is op enkele plekken gewijzigd zodat deze in overeenstemming is met de herziene contracten van SBG.

Wijzigingen in codelijsten

De codelijsten zijn, in navolging op bovenstaande MDS-wijzigingen geüpdatet. Bovendien zijn de codelijsten voor prestatiecodes en DSM-5 aangepast op basis van de codelijsten van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa).
(zie nieuwsbericht)

mdswijzigingen

Wijzigingen 2016 – 1 juli

Laatst gewijzigd op: 15 december 2017

Hieronder leest u alle wijzigingen die zijn doorgevoerd op 1 juli 2016

Algemeen

De SBG Argus Minimale Dataset is geïntegreerd in de SBG minimale dataset.
(Zie nieuwsbericht)

Uniformering meetinstrumenten Volwassenen Cure

Verwijderd: CORE-P, DASS21, DASS42, HADS, KKL en SCL90 voor Volwassenen cure, meetdomein Klachten en symptomen.
(Zie nieuwsbericht)

Nieuwe versie CQi 

Verwijderd: CQiv-amb voor Volwassenen cure en Verslaving cure, meetdomein Patiëntervaring.

Toegevoegd: CQi-GGZ-VZ-AMB en CQi-GGZ-VZ-KL voor Volwassenen cure, Volwassenen EPA, Verslaving cure, Verslaving chronisch en Gerontopsychiatrie, meetdomein Patiëntervaring.
(Zie nieuwsbericht)

algemeen,argus,brambeheerder,ictmedewerkerdatatechnicus,implementatiemedewerker,levertdataaan,rapportagesgebruiken,uitlegtoelichting
argus,mdswijzigingen,meetinstrument

Wijzigingen 2016 – 1 januari

Laatst gewijzigd op: 15 december 2017

Hieronder leest u alle wijzigingen die zijn doorgevoerd op 1 januari: 

EPA

Het bestuur heeft op advies van de expertraad EPA en Wetenschappelijke Raad besloten BPRS en de PANSS te verwijderen uit de MDS. Het (optionele) meetdomein Klachten en Symptomen werd in de praktijk nagenoeg niet aangeleverd (minder dan 1% van de DBC’s). Bovendien zijn beide instrumenten onderling niet vergelijkbaar. De expertraad ontwikkelt een nieuw instrument waarin symptomatisch herstel een onderdeel zal zijn. Het domein Klachten en Symptomen zal in de toekomst dus een nieuwe invulling krijgen.

Verslaving

De naam van het zorgdomein Verslaving Care is gewijzigd in Verslaving Chronisch. Voor de aanlevering heeft dit technisch geen consequenties. De gebruikte code blijft ongewijzigd.

Overige, niet-inhoudelijke/technische MDS-wijzigingen

Start- en einddatum zorgtraject zijn in eerder stadium toegevoegd aan de MDS in verband met Argus. Dit attribuut wordt nu ook aangemerkt als aan te leveren ROM-attribuut en wordt daarmee verplicht voor alle aangeleverde zorgtrajecten. De attributen worden ‘startdatumZorgtraject’ en ‘einddatumZorgtraject’ genoemd.

DBC-trajectnummer en startdatum DBC zijn nu ook aangemerkt als Argusattributen. Deze zijn nodig voor een correcte verwerking van de Argusgegevens.

ictmedewerkerdatatechnicus,implementatiemedewerker,levertdataaan,levertnoggeendataaan,uitlegtoelichting
mdswijzigingen

Wijzigingen 2015 - 1 januari

Laatst gewijzigd op: 15 december 2017

Hieronder leest u de MDS wijzigingen die zijn doorgevoerd op 1 januari 2015.

Kinderen en Jeugd

Op advies van de Expertraad wordt de instructie aan het veld dat voor de benchmark voor kinderen tot 11 jaar dat een ouder, bij voorkeur de moeder, de informant is van de vragenlijsten voor klachten en symptomen. Ouderlijsten mogen niet ingevuld worden door groepsbegeleiders of behandelaren.

Vanaf 11 jaar geldt een vrije keuze van de respondent, maar alleen trajecten die zijn voorgemeten en nagemeten door dezelfde respondent zijn geschikt voor het bepalen van behandeluitkomsten.

Door deze instructie zijn de lerarenversies van de klachtenlijsten niet meer aanleverbaar: SDQ-T, C-TRF en TRF.

Ouderen

Bij Gerontopsychiatrie is ‘Functioneren’, te meten met de HoNOS65, aangewezen als primair meetdomein. Dit betekent dat voor alle patiënten in dit zorgdomein er tenminste een voor- en nameting op dit meetdomein moet zijn afgenomen.

Bij Psychogeriatrie is de SSCQ verwijderd als aan te leveren instrument en worden voortaan alle patiënten gemeten met de EDIZ. Dankzij dit advies van de Expertraad ontstaat eenduidigheid in het meetdomein Mantelzorgondersteuning. Dit is nodig voor onderlinge vergelijking. De Expertraad onderzoekt momenteel mogelijkheden om het meten bij deze doelgroep te verbreden naar andere domeinen.

Verslaving

Bij verslaving is de ‘Middelenmatrix’ geïntroduceerd als vervanging voor de specifieke vragenlijsten MATE1, ASI-gebr en EUASI-gebr. De middelenmatrix volgt de indeling van de MATE1 en de uitgevraagde items zijn gelijk. Voor instellingen die de MATE1 al aanleveren verandert dus niets, behalve de naam van het instrument. Zie voor meer informatie de Factsheet 'MiddelenMatrix'.

De Middelenmatrix vraagt per middel het aantal gebruiksdagen uit en bij alcohol ook de hoeveelheid. Deze informatie kan middels een interview worden uitgevraagd, zoals de MATE Module 1, en ook andere lijsten zijn een mogelijkheid. Welk interview gebruikt wordt, wordt door SBG niet voorgeschreven, mits deze in overeenstemming is met de door SBG uitgevraagde gebruiksgegevens.

Forensische Psychiatrie

Zoals eerder gecommuniceerd is de HKT-30 vervangen voor de nieuwe versie HKT-R, die ook gebruikt moet worden voor trajecten die vallen binnen de door het Ministerie van Veiligheid en Justitie gefinancierde zorg. Hiermee sluiten wij aan bij de praktijk van het grootste deel van de forensische psychiatrie en voorkomen we dat instellingen twee versies moeten hanteren.

EPA

Bij het invullen van de HoNOS blijkt praktijkvariatie te ontstaan onder welk item negatieve symptomen gescoord worden. Om eenduidigheid te waarborgen adviseert de Expertraad EPA om negatieve symptomen altijd te scoren onder het kopje ‘overig’ onder ‘Overige symptomen’. Dit is feitelijk geen wijziging in de MDS-, maar een invulinstructie aan de beoordelaars die verantwoordelijk zijn voor het invullen van de HoNOS.

Overgangstermijnen

Voor alle bovenstaande MDS wijzigingen geldt de standaard ingangstermijn van een half jaar: instellingen hebben tot 1 juli 2015 om deze aanpassingen in te voeren. DBC’s die starten vanaf 1 juli 2015 moet men meten volgens deze nieuwe MDS-regels. De oude MDS-regels zijn nog geldig voor DBC’s met een startdatum tot en met 30 juni 2015.

Voor de wijziging van de meetmomenten geldt een specifieke overgangsperiode (zie Nieuwsartikel 23-12-2014).

algemeen,brambeheerder,ictmedewerkerdatatechnicus,implementatiemedewerker,levertdataaan,levertnoggeendataaan,zorgverzekeraar
mdswijzigingen

Wijzigingen 2014 - 1 juli

Laatst gewijzigd op: 15 december 2017

Hieronder leest u de MDS wijzigingen die zijn doorgevoerd op 1 juli 2014.

Nieuwe opzet documentatie Minimale Dataset

Het document Dataprotocol Bijlage A Minimale Dataset is sinds de oprichting van SBG niet structureel gereviseerd. Het document was opgesteld bij de oprichting van SBG en had een ‘gemengde inhoud’. De eigenlijke functie van het document was te beschrijven welke informatie door zorgaanbieders aangeleverd moet worden aan SBG, maar het document bevatte tevens beschrijving over het waarom van keuzes ten aanzien van de benchmarkmethodiek (bijvoorbeeld de noodzaak voor het hanteren van zorgdomeinen) en praktische instructies bedoeld voor ict’ers die de aanlevering uitvoeren (bijvoorbeeld de koppelregels van metingen aan DBC’s).

Een nadeel hiervan is dat informatie versnipperd raakte. Voor het uitleggen van inhoudelijke keuzes en praktische instructies zijn andere documenten ontstaan. Ook voor alle bewerkingen op de data die SBG uitvoert na aanlevering is aparte documentatie voorhanden. Hierdoor ontstaan dubbelingen en inconsistenties in de documentatie en zijn ook niet alle instructies eenduidig. Ook wordt de eigenlijke functie van de MDS vertroebeld door inhoudelijke uitleg.

Om die reden hebben we de MDS inclusief het addendum ‘Zorgdomeinen, Meetdomeinen, Meetinstrumenten’ tegen het licht gehouden.

Uitgangspunten daarbij zijn dat de MDS eenduidig de afspraken weergeeft tussen een zorgaanbieder en SBG over welke informatie aangeleverd moet worden. Informatie over hoe deze informatie door SBG wordt verwerkt en toelichting waarom we bepaalde informatie uitvragen is verplaatst naar overige documentatie.

Nieuw: SBG codelijsten

Daarnaast hebben we de door SBG beheerde codelijsten anders gestructureerd. In de oude documentatie werd onderscheid gemaakt tussen externe codelijsten en interne codelijsten. Naar externe codelijsten werd verwezen. Interne codelijsten werden meestal als tekstuele tabel in de MDS opgenomen. Dit was onhandig voor zorgaanbieders en softwareleveranciers die op verschillende plekken naar bronnenmateriaal moesten zoeken. Ook voor SBG had dit nadelen, omdat externe codelijsten soms fouten bevatten of een andere structuur hebben die niet bruikbaar is. In de nieuwe documentatie zijn alle codelijsten in één Excel format opgenomen. Deze is voor ICT’ers van zorgaanbieders direct bruikbaar. Voor de externe lijsten (zoals die van DBC Onderhoud) blijft gelden dat SBG volgend is op wijzigingen die door de externe partij worden toegepast, zodat voor zorgaanbieders de administratieve last minimaal blijft.

Wijzigingen MDS per 1-7-2014

De nieuwe MDS kent enkele wijzigingen ten opzichte van de te hanteren meetinstrumenten:

  1. De WR adviseert om de SQ-48 toe te voegen als meetinstrument voor het domein Volwassenen Cure, Klachten en Symptomen. De SQ-48 vormt een gratis alternatief en doet psychometrisch niet onder voor de bestaande lijsten. Wel constateert de WR dat de diversiteit aan instrumenten hierdoor toeneemt, terwijl een beperking wenselijk is. De WR heeft hierom de expertraad gevraagd binnen twee jaar een top 3 aan instrumenten aan te wijzen uiteindelijk uitmondend in één benchmarkinstrument. De SQ-48 kan worden aangeleverd voor DBC’s met een einddatum vanaf 1 juli 2014. Om bruikbaar te zijn voor de benchmark dient SQ-48 meting zowel bij voormeting als bij nameting plaatsgevonden te hebben.

  2. Bij verslaving wordt voor het meetdomein Klachten en Symptomen voortaan aangesloten bij de ontwikkelingen van Volwassenen Cure en worden de instrumenten één op één overgenomen. Concreet resulteert dit nu in het toevoegen van de HADS.

  3. Bij Verslaving wordt de L-Qol geschrapt als benchmarkinstrument voor Kwaliteit van Leven. Indien u de L-QoL gebruikt wordt u geadviseerd om voor 1 januari Kwaliteit van Leven te meten met de EQ5D of de MANSA. De L-Qol kan nog aangeleverd worden voor DBC’s met een einddatum uiterlijk 31-12-2015.

  4. Bij EPA verdwijnt de CANSAS als instrument voor Functioneren, vanwege de conceptuele onvergelijkbaarheid van de CANSAS met de HoNOS. Door uitsluitend te meten met de HoNOS wordt de gewenste uniformiteit behaald (meten met één instrument). Geadviseerd wordt om voor 1 januari de HoNOS bij alle patiënten te gebruiken als benchmarkinstrument. DBC’s kunnen uiterlijk tot 31-12-2015 met een CANSAS worden aangeleverd. De expertraad EPA adviseert om bilateraal oplossingen te zoeken voor instellingen die nog niet de HoNOS hebben geïmplementeerd. Implementatie van de HoNOS kan wat langer duren vanwege de vereiste trainingen. Het betreft hier twee instellingen die alleen de CANSAS gebruiken. SBG kan desgewenst aan betrokken partijen een toelichting bieden indien deze wijziging tot een tijdelijke daling van de respons leidt.

Verandering van Meetmoment

De afgelopen bestuursvergadering is er een belangrijke beslissing genomen over verandering van het de peildatum voor de voormeting van de behandeluitkomst. Als uitgangspunt gold tot nog toe dat de datum van de eerste behandelsessie van de behandeling als peilmoment werd genomen. Uit het veld kwam meermalen het verzoek om ook de intake periode als onderdeel van de behandeling te beschouwen. Het bestuur heeft, na advies van de wetenschappelijke raad, besloten om het meetmoment naar voren te halen, zodat een eventuele verbetering van de situatie van de patiënt in de intakefase of wachtlijstperiode ook kan bijdragen aan de gemeten prestatie in het veld. De precieze operationalisatie van dit moment (bijvoorbeeld de datum van openen DBC of de datum van de eerste intake bijeenkomst) laat echter nog even op zich wachten en vergt aanvullend onderzoek. We verwachten dat met de MDS-wijzigingen van 01-01-2015 de wijziging aangekondigd kan gaan worden en zullen het veld ruim de tijd bieden om deze belangrijke wijziging te implementeren.

Volwassenen kort wordt Volwassenen cure 

Het zorgdomein Volwassenen kort wijzigt op advies van de expertraad van naam en wordt Volwassenen cure. Deze naam dekt beter de lading van het zorgdomein waar het gaat om behandelingen met een primair curatieve doelstelling.

De term Volwassenen kort was een verwijzing naar het circuit Volwassenen kort. Deze term was echter voorbehouden voor kortdurende trajecten, terwijl het zorgdomein zich vooral richt op curatieve zorg. Hoewel de behandelingen naar verhouding vaak wat korter duren dan in de care, is de lengte van de behandeling niet doorslaggevend bij het bepalen van het zorgdomein.

De expertraad richt zich overigens in eerste instantie vooral op de stemmingsstoornissen, angststoornissen, somatoforme stoornissen en waar mogelijk persoonlijkheidsstoornissen. Voor de overige stoornissen binnen Volwassenen cure zal stoornisspecifieke expertise gevraagd worden bij kenniscentra.

algemeen,brambeheerder,ictmedewerkerdatatechnicus,implementatiemedewerker,levertdataaan,levertnoggeendataaan,zorgverzekeraar
mdswijzigingen
top